Oppervlakte

Dit jaar heb je geleerd hoe je de oppervlakte van een driehoek, een parallellogram en een cirkel kunt berekenen. Hieronder staan een aantal oefeningen.

Je hebt gezien dat je de oppervlakte van een driehoek kunt berekenen als je de basis en de hoogte weet. Tot nu toe hebben we voor de basis steeds de ‘onderste’ zijde gekozen maar dat hoeft niet. Je kunt ook een van de andere zijden als basis nemen: er hoort dan wel telkens een andere hoogte bij. Onderzoek dat in onderstaande oefening. Zie je dat er toch steeds dezelfde oppervlakte uitkomt?

Probeer nu zelf de omtrek en oppervlakte van onderstaande driehoek uit te rekenen (onder Pythagoras staat nog een oefening waarbij je de oppervlakte van een driehoek moet berekenen).

Nu een opdracht waarbij je de oppervlakte van een parallellogram uit moet rekenen.

Bereken nu de omtrek en oppervlakte van een cirkel. Door punt B te verslepen, kun je de straal veranderen. Controleer je antwoorden door de vakjes aan te vinken.

Nu iets moeilijker. Bij onderstaande oefening kun je steeds de oppervlakte berekenen door de oppervlakte van (een deel van) een cirkel uit te rekenen. Kom je er niet uit? Bekijk dan de uitwerking door de schuifbalk te bewegen.

De omtrek van een cirkel kun je ook zien als de lengte van een route. Bij onderstaande oefening krijg je steeds een blauwe en een rode route. De blauwe route heeft de vorm van een halve cirkel, de rode route de vorm van 4 halve cirkels. Kun jij de lengte van de twee routes uitrekenen. Gebruik hierbij de formule voor de omtrek van een cirkel. De diameter kun je vinden door de hokjes te tellen. Controleer je uitkomt via de schuifbalk.

Bij oppervlakte horen de oppervlakte-eenheden. Zorg dat je hiermee goed kunt rekenen. Denk ook even goed na waar de hectare en de are ook al weer zaten…

Nog even een potje miniloco voor de slimmeriken. Wie durft :)? Sleep de vakjes boven naar het juiste antwoord beneden. Via het aanvink vakje “controleer”, kun je zien of jouw patroon klopt…